Wat is diep veneuze trombose?

Trombose is één van de meest voorkomende aandoeningen in Nederland. Met name bij ouderen is de kans op trombose groot.

In de volksmond wordt trombose dan ook wel eens als een ouderdomsziekte aangeduid. Feit is echter dat je ook op jonge leeftijd last van trombose kunt krijgen. In feite zijn er drie verschillende varianten van trombose:

  • Veneuze trombose: hierbij sluit een bloedstolsel een ader (deels) af.
  • Diep veneuze trombose: hierbij bevindt het bloedstolsel zich in één van de dieper gelegen aderen
  • Arteriële trombose: hierbij sluit een bloedstolsel een slagader af.

Hieronder vertellen we jou graag meer over de tweede variant; de diep veneuze trombose. Wat is dat exact?

We spreken van diep veneuze trombose als het bloedstolsel zich in één van de dieper gelegen aderen bevindt.

Maar, waar bevinden die aderen zich dan exact? Deze aderen bevinden zich in de diepe afvoerende aderen in het been. Bij diep veneuze trombose spreken we dan ook, in verreweg de meeste gevallen, van een trombosebeen.

Diep veneuze trombose kan op meerdere manieren vastgesteld worden. Zo kan een arts een zogeheten duplexonderzoek uitvoeren.

Bij een duplexonderzoek worden echobeelden en ultrageluidsgolven gebruikt. Dankzij deze technieken is het mogelijk om de verstopping in de dieper gelegen aderen aan te tonen.

Wat zijn de symptomen van diep veneuze trombose?

Op welke manieren kan je nou diep veneuze trombose herkennen? Allereerst is het zo dat het been veel vocht gaat houden.

Wil je meer controle over je Trombose?

De dieper gelegen aderen hebben namelijk een belangrijke functie op het gebied van vocht. Deze aderen verzorgen zo’n 90% van de afvoer van het bloed uit de benen.

Als deze afvoer door een bloedstolsel geblokkeerd wordt, kan het bloed geen kant op. In dat geval kan er een zwelling ontstaan. Maar, ook roodheid en een pijnlijk gevoel in het been zijn typerende symptomen voor diep veneuze trombose.

Mogelijke behandelingen bij diep veneuze trombose

Bij diep veneuze trombose bestaat de kans dat de bloedprop losschiet. Deze bloedprop kan richting de longen schieten, waardoor je het risico op een longembolie loopt.

Om dat te voorkomen, is het belangrijk om tijdig met de behandelingen te starten. Allereerst schrijft een arts antistollingsmiddelen voor.

Met deze middelen wordt getracht om erger te voorkomen. Het bloedstolsel mag niet verder groeien; dat lukt met dank aan de antistollingsmedicijnen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *